Voorbeelden van toen -
Print tekst
‘Chantal hoeft niet mee naar de kerk als ze niet wil.’ Verwonderd luister
ik naar de woorden van Rob. Ik herinner mij nog hoe het was toen ik 12 jaar
was. Zondags gooide mijn moeder het dekbed gewoon opzij. Dat ik door wilde
slapen, was voor haar geen issue. Ik moest en zou mee naar de kerk. En tja,
wilde ik een chagrijnige stemming in huis voorkomen, dan was het beter om maar
wel te gaan en de minstens 2,5 uur durende dienst uit te zitten. Ik snapte ook
niet wat mijn ouders daar zo geweldig aan vonden. Ma dutte meestal in en pa
wist heel goed te vertellen wie er geweest was en wie niet. Mijn opvoeding had
precies de juiste ingrediënten om ervoor te zorgen dat je je met afschuw van de
kerk afwendt. Desondanks heeft God mij weten te boeien en ik kan nu uit vrije
wil naast mijn moeder in de kerkbanken zitten. Wat heeft deze verandering teweeggebracht?
Samenwonen?
Ik ging studeren en mijn broer attendeerde mij op de bijbelstudiegroepen
van enkele christelijke studentenverenigingen. Ik nam contact op en woonde een
avond bij. Ik weet nog heel goed het thema waarover gesproken werd: samenwonen.Ik was opgevoed met eigen normen en waarden. Samenwonen was taboe. Dat deed
je niet als Syrisch-orthodoxe christen. In de Nederlandse vriendenkring waar ik
mij in begaf was samenwonen heel gewoon. Op die avond kwam ik voor het eerst
met jongeren in aanraking die net als ik uit hun geloof hier vraagtekens bij
zetten. Zij gingen zelfs verder. Ze vroegen zich af: ‘Zeg je daar dan ook iets
van? Heb je het lef om te zeggen dat samenwonen geen vanzelfsprekendheid is?’ Dat vond ik dan weer net te ver gaan. Iedereen moest vooral doen wat ie wilde.
Met de kennis van nu, zou ik misschien iets zeggen als het passend zou zijn.
Niet om te preken of met het vingertje te wijzen, maar wel iets opmerken waaruit
mijn houding doorklinkt.
Persoonlijk
Deze kennismaking smaakte naar meer. Ik bleef trouw naar de
bijbelstudieavonden gaan en ontdekte dat die jongeren een persoonlijke relatie
met God hadden. Uren heb ik gepraat met Hans, Marieke en Ciska. Hun geloof gaf houvast
en richting. Allerlei praktische vragen vuurde ik op ze af. Hoe denk je dat God
hierover denkt? Hoe staat Hij daar tegenover? Niet dat ze overal antwoord op
hadden. Maar er was wel de zekerheid dat je met je vragen bij God terecht kunt.
Die afhankelijkheid en die verwachting sprak mij erg aan.
Liefde zoekt de
ander
Mijn ouders hebben dat ook. Alleen spraken wij er thuis niet over. God was
te heilig en te groot voor woorden. Nog steeds trouwens. Ondanks al mijn passie
heb ik Hem niet dichterbij kunnen brengen. Of toch wel? Is het mijn liefde voor
Hem die maakt dat ik afgelopen zaterdag met mijn ouders naar de kerk ging?
Hoe heeft jouw opvoeding jouw (on)geloof beïnvloed?
Geplaatst door: Suheyla op 16 november 2008
Reageer Log in of Registreer nu